Maar het leven werd niet makkelijker. Het werd eerlijker.
Weet je wat ik altijd dacht toen ik aan persoonlijke ontwikkeling begon? Dat het leven vanzelf mooier zou worden. Rustiger. Vrijer. Lichter. Alsof ik op een dag een paaltje in de grond zou slaan en kon zeggen: zo, ik ben er.
En ergens is dat natuurlijk ook zo, je kunt tussentijds paaltjes slaan. Maar er is een kant waar we het veel minder over hebben. Ik ervaar die zelf aan den lijve op dit moment.
Persoonlijke ontwikkeling leidt namelijk niet altijd tot een makkelijker en kalmer leven. Het maakt je leven vooral eerlijker. Zuiverder.
Ik ben ineens zuiver gaan voelen waar ik jarenlang overheen ben gestapt.
Ik merk nu pas eerlijk hoe vaak ik me heb aangepast.
Hoe vaak ik ja heb gezegd, terwijl ik eigenlijk een dikke nee voelde.
Hoe hoog ik de lat voor mezelf legde om een gevoel te hebben om van waarde te zijn.
Hoeveel ruimte ik heb weggegeven om de verbinding met een ander te behouden.
Hoe vaak ik bij mezelf wegging om een ander te kunnen behagen.
Hoe vaak ik mijn eigen binnenwereld dempte om volledig afgestemd te kunnen zijn op de binnenwereld van de ander.
Poeh, dat is pijnlijk.
Tijdens het eerste jaar van mijn opleiding kwam ik dan ook een heel verdrietig innerlijk kind tegen. Ze was verdrietig omdat ze haar hele leven had gedacht dat ze dansjes en kunstjes moest doen om gezien te worden. Om de verbinding te behouden. En om daarmee een gevoel van veiligheid te creëren.
Dat meisje was moe gestreden. Van al het harde werken. Ze wilde dit niet meer. Maar wat dan?
Wat heb je als volwassen vrouw eigenlijk te doen?
Want inmiddels begrijp ik heel goed hoe deze patronen zijn ontstaan. Ik begrijp waar ze vandaan komen. Maar begrijpen alleen verandert je gedrag nog niet.
Hoe breng je dan verandering aan in het hier en nu?
Voor mij begon dat met het erkennen van dat ‘Innerlijke meisje’.
Haar gevoelens. Haar behoeften. Haar verlangens. Zonder oordeel.
Daarna leerde ik mijn Beschermer herkennen en erkennen. Dat deel in mij dat ongelooflijk hard werkt om veilig te blijven. Om verbonden te blijven. Om ervoor te zorgen dat niemand me afwijst of verlaat.
Maar de grootste verandering kwam pas toen ik een ‘Innerlijke moeder’ begon te ontwikkelen.
Een liefdevolle volwassene die voor dat meisje kon zorgen. Die haar erkenning geeft. Die haar laat ervaren dat eigenwaarde en veiligheid niet iets zijn wat je eindeloos hoeft te zoeken in de buitenwereld. Maar iets is wat je van binnen kunt opbouwen.
Dat je het jezelf mag geven. Dat je jezelf ermee mag voeden.
Dat ik dat verdrietige meisje een aai over haar bol kan geven, haar bij de hand neem en tegen haar zeg: “Vanaf nu doen we het samen.”
Dat ik haar niet langer laat wachten tot de buitenwereld haar geeft waar ze zo naar verlangt. Maar dat ik haar dat, als een liefdevolle innerlijke moeder, zelf mag geven.
En wat blijkt, dat meisje is geen verdrietig meisje meer. Dat meisje is een Pippi Langkous die op avontuur wil. Die de wereld wil laten zien wie ze is, die haar stem wil laten horen.
Die start voordat ze ergens klaar voor is. Die een bijna magisch vertrouwen heeft dat het leven zich ontvouwt zoals het zich mag ontvouwen. En veerkrachtig is om elke beer op de weg te tackelen of er een dansje mee te maken.
En op het moment dat je die interne shift kan maken verandert er iets. Niet alleen in jou. Maar ook in alles om je heen.
Je gaat beter luisteren naar je intuïtie.
Je voelt eerder wanneer iets niet meer klopt.
Je spreekt je grenzen duidelijker uit.
Je neemt meer ruimte in.
Je accepteert minder snel gedrag dat eigenlijk niet bij je past.
Dat klinkt prachtig, vurig en sensationeel. En dat is het ook.
Maar het heeft een prijs.
Want op het moment dat jij verandert, verandert het hele veld om je heen mee.
Relaties die jarenlang hebben bestaan bij de gratie van jouw aanpassing, komen onder spanning te staan. Sommige mensen bewegen met je mee. Andere niet.
Niet altijd uit onwil, maar niet iedereen wil in beweging komen. En niet iedereen hééft op dat moment de capaciteit om in beweging te komen.
Vriendschappen veranderen. Familiepatronen worden zichtbaar. Soms ontdek je dat je werk eigenlijk helemaal niet meer past bij de persoon die je aan het worden bent.
Dat kan ontzettend verwarrend zijn.
Je bent niet meer wie je was. Maar je bent ook nog niet helemaal wie je aan het worden bent.
Juist die tussenperiode vind ik misschien wel de moeilijkste fase van persoonlijke ontwikkeling. Het oude past niet meer, maar het nieuwe voelt nog onwennig. Je kunt je eenzaam voelen. Onbegrepen. Alsof je nergens meer helemaal bij hoort.
Weet dat dit geen teken is van dat je de verkeerde afslag hebt genomen. Dit IS juist de weg. Hier moet je doorheen, als een feniks.
Misschien is dat ook wel waarom ik mensen nooit beloof dat een traject hun leven makkelijker maakt. Wanneer je werkelijk bereid bent om naar jezelf te kijken, komt er bijna altijd meer in beweging dan alleen de klacht waarmee je binnenkwam.
Je blik op jezelf verandert. Je blik op relaties verandert. Je blik op je werk verandert. Daarom vraag ik mensen ook om eerlijk naar zichzelf te kijken voordat ze instappen.
Niet omdat ik bang ben voor wat er loskomt, maar omdat persoonlijke ontwikkeling bereidheid vraagt. Niet alleen om te verlangen naar verandering, maar ook om de gevolgen ervan onder ogen te zien.
Uiteindelijk komt er een moment waarop de pijn van blijven zoals je bent groter wordt dan de spanning voor wat er kan veranderen.
Dat is vaak het kantelpunt.
Vanaf dat moment ga je niet meer veranderen omdat het ‘moet’. Je verandert omdat teruggaan simpelweg geen optie meer voelt. There’s no way back.
En misschien is dat wel wat persoonlijke ontwikkeling uiteindelijk is.
Niet steeds een betere versie van jezelf worden.
Maar langzaam stoppen met jezelf verlaten.
Steeds iets vaker terugkeren naar je eigen plek. Jouw plek in het systeem, jouw plek in het veld. De plek die niemand anders kan innemen.
Naar jouw leven. Naar jouw waarheid.
En ontdekken dat alles wat daarbij niet meer past, misschien nooit echt bij je heeft gehoord.
Dat vraagt moed. De moed om het oude los te laten, ook als je nog niet precies weet wat ervoor in de plaats komt. OF wie ervoor in de plaats komt.
Zodat er langzaam ruimte ontstaat voor een leven dat niet meer gebouwd is op aanpassen, maar op wie jij werkelijk bent.
Sta jij op dit punt in je leven? Dat het oude niet meer past, maar het nieuwe nog niet helemaal zichtbaar is?
Weet dan dat je daar niet alleen doorheen hoeft.
In mijn praktijk begeleid ik vrouwen die niet alleen willen begrijpen waar hun patronen vandaan komen, maar vooral willen bouwen aan een leven dat werkelijk past bij wie ze zijn. Een leven waarin ze zichzelf niet langer hoeven te verlaten.
Voel je dat dit resoneert? Dan ben je van harte welkom om kennis te maken.




